Oud is een gevoel, geen getal

14 01 2008

Lieve lezer,

mijlpalen zijn natuurlijk maar wat je ervan maakt, maar 25 worden doet een mens toch nadenken over de status van zijn leven. Wat de conclusies van deze overpeinzing zijn, komen misschien in een diepzinnigere bui nog aan het licht, maar nu wil ik met u een fijn moment delen:

Bij ons thuis is het nog steeds de gewoonte dat de jarige op zijn verjaardag het eten mag bepalen. Dat telt dan een beetje als ‘feest’. Dat hoeft natuurlijk niet stipt op de verjaardag zelf te vallen, en zo gebeurde het dat deze zondag mijn grootmoeder afgezakt kwam naar mijn ouderlijk huis, om daar mee aan de dis plaats te nemen.

Ik heb mijn zondagmiddag gespendeerd met mijn grootmoeder, mijn mama en mijn papa, een taske koffie, een stuk taart, het veldrijden op de achtergrond, en wij hebben het grootste deel van de namiddag -hou u vast- Lotto gespeeld! Dit spel lijkt een beetje op Bingo, en ik heb het steeds met de ouden van dagen geassocieerd. In dit spel heeft met een aantal kaarten waarop vele getallen staan, en dan worden stukken uit een zak getrokken, en elk stuk draagt een getal. Deze getallen worden afgeroepen, en wie het snelst een rij op zijn kaart volheeft, wint. Bepaalde getallen hebben echter speciale namen (88 wordt ‘vier klein petatjes’, 77 wordt ‘pikhaken’, 90 wordt ‘den ouwe’).

Na ettelijke spelletjes, hebben we een boek kaarten genomen, en hebben de rest van de namiddag ‘met de kaart gespeeld’.

Lieve lezer, ik heb mij nog nooit zo geamuseerd op een verjaardagsfeestje. En ik voelde mij helemaal niet oud! Ik had wel het gevoel dat ik dit soort zondagen nog wel 60 jaar kon doen.





Wat een doctorandus lijden kan..

14 01 2008

Zoals blijkbaar in elke geordende maatschappij, is er altijd iemand hogerop de ladder die gehoorzaamd moet worden. Of waar toch op zijn minst rekening mee gehouden moet worden. In mijn geval is dat -naast mijn begeleidende post-doc- mijn promotor (de knuffelaar, weet u nog?).

Mijn promotor heeft nogal een raar gevoel voor humor. Ik zal proberen u het verhaal te vertellen zoals ik het beleefd heb.

Zoals u waarschijnlijk nog weet, was financieringsplan A (IWT beurs) mislukt, en waren we overgeschakeld op plan B (de FLOF beurs van de faculteit Wetenschappen). Om deze beurs te verkrijgen, moet een formulier ingediend worden. De uiterste indiendatum voor dit formulier stond aangegeven op dit formulier als ‘8 januari’. Wat denkt deze jongen dan? Deze jongen denkt: ‘Tijd genoeg, ik doe dat op 8 januari binnen.’ Zo kwam het te gebeuren (vreselijk archaïsche constructie, maar die doet mij denken aan de jongensromans uit mijn jeugd) dat op maandag 7 januari, het formulier op mijn bureau klaarlag om de volgende dag ingeleverd te worden.

Met een gerust hart kruip ik ’s avonds mijn bed in, om even later ( ettelijke uren laten dus ) wakker gebeld te worden door mijn promotor himself. Het gesprek ging ongeveer als volgt:

* ring ring *

klik

‘Hallo?’

‘Ja seg, ‘t is hier met Koen he. Da FLOFformulier moest gisteren binnen zijn, en ge bent dus op dit moment al te laat. Ik weet ni of ge nu nog een beurs gaat kunnen krijgen, en ik kan u in geen geval zelf betalen. Maak dus maar dat dat formulier NU binnen is!!!!’

klik

*slik*

In 10 minuten stond ik bezweet en in volle paniek op de campus. Ik spurt naar mijn bureau, mij onderweg afvragend waar ik fout ben geweest? Op dat formulier stond toch duidelijk 8 januari als uiterste indiendatum?? Nu ga ik misschien sterk vervroegd afscheid moeten nemen van het academische leven… Ik storm mijn bureau binnen, grits het formulier van de tafel, en zet een versnelde spurt in richting departementaal beheerder, bij wie het formulier diende te belanden. In de vlucht werp ik een blik op mijn formulier, en zie daar als uiterste indiendatum tot mijn afgrijzen staan:

Maandag 8 januari 2007

Ik had het formulier van vorig jaar afgedrukt. Zo mogelijk nog paniekeriger kom ik bij de departementaal beheerder binnengevlogen, en probeer hem tussen mijn gierende ademhaling tussendoor duidelijk te maken waarom ik te laat ben met mijn formulier en of ik alstublieft toch nog bij de hoop formulieren mocht. Zijn antwoord lag ongeveer in de volgende lijnen:

“Ah, maar dat is geen enkel probleem! Ik doe die formulieren pas op ‘t einde van deze week naar de faculteit. Ik was alleen ongerust omdat gij den enige waart die zijn formulier nog niet had binnengebracht. Daarom had ik even naar uw promotor gebeld, maar ik heb hem ook verteld dat er geen haast bij was. “

Ecce, de humor van mijn promotor. You’ve got to love ‘m.

Wie ook het jaar goed heeft ingezet, is mijn hartsvriendin. Zij heeft deze wereld een mooiere plaats gemaakt door een grootste wonder te verrichten dat een mens kan verrichten: nieuw leven op deze aarde zetten. Bij deze wil ik dan ook heel graag Hanne verwelkomen in ons midden, en de mama en de papa een dikke proficiat en alle succes wensen.